1. Home
  2. Vide Nieuwjaarswens 2018

Onafhankelijkheid in toezicht en evaluatie

Op 18 januari 2018 uitgesproken door Peter van der Knaap, Voorzitter van Vide – de beroepsvereniging voor toezichthouders, inspecteurs, handhavers en evaluatoren

Welkom op de nieuwjaarsbijeenkomst van Vide: de Nederlandse beroepsvereniging voor – voluit – professionals in het veld van toezicht, inspectie, handhaving en evaluatie. Of Vidé, zoals de latinisten onder ons dat zo mooi zeggen. Een bijzonder warm welkom aan onze gasten, waaronder natuurlijk Rob van Lint!

Vandaag zien we elkaar niet in het Nationaal Archief: dat wordt verbouwd. Des te beter dat we vandaag weer een goede opkomst hebben. Hopelijk zonder boorgeluiden…

Over verbouwen gesproken: ook als vereniging hebben we een aantal dingen veranderd. Zo hebben we de afgelopen tijd geëxperimenteerd met een nieuwe opzet van de bijeenkomsten, die we “Vide Forum bijeenkomsten” zijn gaan noemen. Ze richten zich op belangrijke thema’s en vinden plaats op de tweede donderdag van de maand. Op elk forum zijn bestuursleden aanwezig.

En laat ik meteen drie nieuwe bestuursleden aan u voorstellen die zojuist, tijdens de ALV, zijn benoemd. In volgorde van aantreden:

- Karina Raaijmakers (Hoofd Retailtoezicht AFM Verzekeren & Pensioenen);

- Rosita Thé (Directeur DCMR Milieudienst Rijnmond);

- Hanneke Miedema (Manager Detectie en Snelle Interventies NZA).

Ik ben erg blij met deze versterking en zie uit naar mooie discussies en projecten samen. We behouden de band met de NZA en de AFM en met Rosita slaan we de link naar regionale toezichthouders – en dat is mooi!

Karina, Rosita en Hanneke nemen de vrijgevallen plaatsen in van Loes de maat, Frederieke Damme en Femke de Vries. Loes, Frederieke en Femke: jullie hebben je jaren ingezet voor Vide en daarvoor zijn we jullie dankbaar. We gaan nog op een gepaste manier afscheid nemen.

Een andere bouwplaats is onze website geweest. We hadden zojuist dus de ALV, waarin we die website hebben gelanceerd. Hij is prachtig geworden. Hanneke: enorm veel dank voor het werk dat je hierin hebt verzet, top! Ik verwacht veel van de site, niet alleen als vraagbaak maar ook als een echt instrument voor interactie binnen de vereniging.

Een vereniging, trouwens, waarmee het onverminderd goed gaat: ook vorig jaar hadden we goed bezochte bijeenkomsten, een mooi congres en een gezond resultaat.

Ook bleken de thema’s uit onze Meerjarenstrategie onverminderd relevant. We gaan met de uitvoering door en nodigen u, als lid, van harte uit om méé te doen. Het is trouwens maar goed dat het een Meerjarenstrategie is, want in 2017 is niet alles gerealiseerd. Maar dit terzijde.

Eén van de thema’s uit onze strategie is het belang van goed, transparant en adequaat toegerust toezicht, dat onafhankelijk gepositioneerd is. En dat geldt ook voor beleidsevaluatie, zeg ik er met nadruk achteraan. Dat belang onderstrepen en behartigen blijft nodig. De commotie rond een rapport van het WODC en de discussie over onafhankelijkheid van onderzoek is er een sprekend voorbeeld van.

Vorig jaar noemde ik in dat verband de ‘Aanwijzingen inzake rijksinspecties’ van de minister-president. Het uitgangspunt: inspectiediensten van het Rijk moeten de ruimte hebben om zélf op basis van hun deskundigheid informatie te verzamelen, een oordeel te vormen, te adviseren en te rapporteren.

Ik moet zeggen: papier is geduldig, maar ik ben nog steeds positief. Het is van groot belang dat de politiek de ruimte van toezichthouders èn kennisorganisaties respecteert en garandeert, óók als een rijksinspectie onderdeel is van een ministerie. En wat mij betreft geldt dat ook voor evaluatoren en onderzoeks- en kennisinstituten.

In die ‘Aanwijzingen’ staat hoe inzichtelijk moet worden gemaakt wanneer een minister een aanwijzing aan een inspectie geeft. Zoiets moet openbaar zijn en het mag er niet op gericht zijn om de toezichthouder ervan te weerhouden een bepaald onderzoek uit te voeren.

Dat is meteen trouwens een heel belangrijk aspect voor zowel toezicht als evaluatie en beleidsonderzoek: ben je onafhankelijk om te bepalen wàt je onderzoekt?

Die vraag kwam in de recente discussie wat mij betreft niet goed over het voetlicht en wat er over werd gezegd was nogal simplistisch. De teneur was: de overheid bepaalt de onderzoeksvraag en bemoeit zich niet met de uitvoering van het onderzoek. Terwijl iedere onderzoeker weet dat juist die vraagarticulatie bepalend is voor de richting en het ‘kritische gehalte’ van het onderzoek. Wie het niet wil hebben over de effectiviteit van een bepaalde maatregel, bijvoorbeeld, zal vragen naar doelbereiking en causale verbanden wensen te vermijden.

Je kunt dan lyrische rapporten over de uitvoering van beleidsprogramma’s krijgen waar met geen woord over echte resultaten wordt gerept. Dat lijkt mij Kafkaësk.

Ik meen dat hier een belangrijke parallel ligt tussen toezicht en inspectie enerzijds en beleidsonderzoek en beleidsevaluatie anderzijds. Zonder dat ik pleit voor grote muren tussen beleid aan de ene kant en onderzoek aan de andere. Een goede interactie is vaak van groot belang voor de kwaliteit van onderzoek.

Eén ding moet daarbij duidelijk zijn: binnen afspraken over vertrouwelijke en privacygevoelige informatie moeten niet alleen toezichthouders en inspecties, maar ook onderzoekers en evaluatoren zonder inmenging kunnen rapporteren over wat goed gaat, en wat niet.

Wildavsky noemde dat ‘Speaking truth to power’. Dat ‘de waarheid spreken’ is hard nodig in onze tijd van ‘alternatieve feiten’. Ik noemde dat vorig jaar al. Wat ik toen niet kon weten, is dat Trump inmiddels het gebruik van de woorden evidence-based en science-based zelfs helemaal zou verbieden…

Het is nu 2018. Vide staat voor goede, onafhankelijke maar ook proportionele en effectieve toezichthouders, inspecties en evaluatoren. Daar zetten we ons als vereniging voor in. Het bestuur van Vide heeft er in elk geval zin in het nieuwe jaar. We hebben een vers bestuur, een hagelnieuwe website en kijken alvast uit naar een mooi jaarcongres in Eindhoven, misschien wel de slimste regio van het land, met als thema innovatie.

Een erg spannend thema vind ik daarbij steeds: hoe houden we toezicht op wat zo nieuw is dat we het nog niet helemaal kunnen begrijpen? Dat was ook de titel van een succesvolle Vide-bijeenkomst in november, hier in Den Haag.

En over successen gesproken, dáár doen we het uiteindelijk voor. En laat ik het nog maar eens zeggen: de successen van Nederland op het gebied van veiligheid, en ook leefbaarheid, duurzaamheid, gezondheid èn economie zijn óók te danken aan toezichthouders, inspecties en evaluatoren.

Ik wens u een heel gelukkig 2018!