Nieuwsbrief

Blijf op de hoogte van Vide en neem een gratis abonnement op Vide Nieuws: onze nieuwsbrief.

  1. Home
  2. Activiteiten
  3. Overzicht van activiteiten

Vervolgworkshop Intervenieren (16/01/04)

Vervolgworkshop Interveni�ren
16 januari 2004

De workshop is een verdieping van een eerdere studiemiddag Interveni�ren, waarin een tweetal thema's nader worden uitgediept, namelijk
" Interveni�ren bij 'nette' nalevingsplichtigen: welke interventie-instrumenten gebruik je wel en welke juist niet bij een doelgroep die van goede wil is; hoe indien de overheid nalevingsplichtige is;
" Interventiemethoden voor nieuwe toezichthouders: welke interventie-instrumenten kunnen worden toegepast in situaties waarin het toezicht een relatief nieuw fenomeen en de toezichthouder nog relatief onervaren is. Ligt het accent dan op preventieve methoden? Hoe positioneert een relatief jonge inspectie zich? Welke problemen komt men tegen?

De thema's zijn ingeleid door twee inleidingen over de interventiepraktijk van twee toezichthouders,
* 'Interventiebeleid van het Staatstoezicht op de Mijnen', door Jur Heeres
* 'Toezicht op overheidsorganisaties' , door Lodewijk Hovy (Rijksarchiefinspectie).
De getoonde sheets zijn als bijlage bijgevoegd, als ppt. resp. Word-document.

De belangrijkste discussiepunten zijn hierna weergegeven.


ontwikkel een visie m.b.t. volledige transparantie van het interventiebeleid

1. Interventiebeleid wordt hier beschouwd als de opsomming van maatregelen en sancties die bij overtreding van de regels worden toegepast ; dit kan gedetailleerd worden uitgewerkt per wettelijke regel of meer algemeen. Bij boetes kunnen ook maximumboetes/schalen per soort en ernst van de overtreding bekend worden gemaakt . Transparantie bevordert hier de naleving van het gelijkheidsbeginsel. Daarnaast kan transparantie leiden tot calculerend gedrag. Bijvoorbeeld wanneer de interventie bestaat uit een waarschuwing (je krijgt toch maar een waarschuwing). De aanwezigen hebben een voorkeur voor transparantie van interventiebeleid.
2. Handhavingsbeleid wordt gezien als een breder begrip dan interventiebeleid. In handhavingsbeleid zijn handhavingsprioriteiten, onderzoeksmethoden, uitkomsten van risicoanalyses en planning begrepen naast de opsomming van maatregelen en sancties. Om strategische redenen zal men prioriteiten, methoden en planning niet altijd openbaar zal willen maken. De vrees voor calculerend gedrag doet zich hier nog meer voelen.
3. Opgemerkt werd dat calculerend gedrag nooit door het gehele toezichtsdomein wordt vertoond. Dat is slechts een bepaald percentage (25 -30%). Het uitdragen van handhavings- of interventiebeleid heeft als voordeel dat er ook een preventieve werking vanuit kan gaan. De pakkans blijkt daarnaast nog steeds een belangrijke invloed te hebben op naleving.
4. Volledige transparantie van interventiebeleid kan leiden tot een bureaucratisch systeem van toezicht waarbij de toezichthouder in de positie komt om ook elke regel te controleren.
5. Bij open normen is het moeilijk om een gedetailleerde lijst van maatregelen/sancties te formuleren; onbekendheid van de doelgroep kan eveneens het formuleren van een interventiebeleid bemoeilijken

Samengevat leverde de discussie twee invalshoeken op voor een beslissing over (de mate van) transparantie van interventiebeleid:
- toezichthouders willen transparant zijn om hun integriteit te bevorderen en te tonen dat ze rechtsgelijkheid en rechtszekerheid willen betrachten
- de mate van transparantie dient vooral te worden afgestemd op het effect daarvan op de naleving.


ontwikkel een visie m.b.t. aanvaardbaarheid van verschillende interventiesystemen voor dezelfde doelgroep

1. De aanwezigen waren van mening dat per wet er een uniform interventiesysteem gehanteerd dient te worden en dat toezichthouders dit met elkaar dienen af te stemmen. Het bestaan van verschillende interventiesystemen leidt er regelmatig toe dat een doelgroep te maken krijgt met verschillende interventiesystemen. De regelgerichte benadering prevaleert hier boven de doelgroepgerichte benadering. Verschillende interventiesystemen voor dezelfde doelgroep kunnen ook voorkomen indien ��n toezichthouder die meerdere wetten bewaakt. In die situatie heeft niet alleen de doelgroep te maken met verschillende interventiesystemen, maar ook de toezichthouder. Dit is evenwel een keuze die vooral door de wetgever wordt gemaakt.
2. Diverse aanwezigen pleiten voor kennisoverdracht als instrument voor nalevingsbevordering. In de praktijk worstelt men met de grens tussen voorlichting en advisering enerzijds en handhaving anderzijds. Er is soms grote druk vanuit de doelgroep om te adviseren hoe de wet dient/kan worden nageleefd. Als men te rigide advisering buitensluit, kan dit nadelig zijn voor de nalevingsbevordering.
3. Benadrukt wordt door aanwezigen dat communicatie over uitleg van de regels, over de legitimiteit van de regels (waartoe bestaan deze regels) en over handhaving belangrijke onderdelen zijn van nalevingsbevordering.

 

ontwikkel een visie m.b.t. een aparte behandeling van de overheid als nalevingsplichtige

1. Stelling: voor het interveni�ren bij overheden heb je geen krachtige sancties nodig, wel gezag een consistent interventiebeleid.
2. Er waren weinig voorstanders van een aparte benadering van de overheid in hun sector. Diverse aanwezigen noemden voorbeelden van de noodzaak van sancties (tewerkstelling van illegalen, niet melden van verwerking persoonsgegevens door gemeenten).
3. Het feit dat de overheid een voorbeeldfunctie heeft rechtvaardigt sancties.
4. De aanwezigen kwamen met de volgende tips voor de nalevingsproblemen bij de Rijksarchiefwet:
- kleine steekproeven met sancties en veel communicatie hierover;
- indirect handhaven door samenwerking met andere toezichthouders; dreigen met de Algemene rekenkamer;
- onderzoek naar oorzaken van lage nalevingsbereidheid
- aparte acties bij verhuizingen van doelgroepleden (dan wordt vaak veel weggegooid)
- de instelling van functionarissen voor archiefbeheer , zoals de wettelijk geregelde functionaris voor de gegevensbescherming (interne waakhond)

 

ontwikkel een visie m.b.t. een soepele behandeling van overtredingen bij nieuwe regelgeving

1. Over het algemeen vonden de aanwezigen een gewenningsperiode niet onredelijk, maar er werden toch een aantal bedenkingen aangevoerd.
2. Men wordt steeds strenger in de samenleving.
3. Het antirookbeleid werd vanaf 1 januari 2004 meteen gehandhaafd door verbaliseren op perrons en op werkplekken.
4. Meteen optreden bij nieuwe regels veronderstelt dat de toezichthouder meteen bij het begin 'klaar staat' en alle voorbereiding achter de rug heeft.
5. Niet optreden in het begin is feitelijk uitstel van de invoering van regels.
6. In de sociale zekerheid is er geen of nauwelijks ruimte om doelgroep aan nieuwe wetgeving (sollicitatieplicht voor ouderen per 1 januari 2004 bijv.) te laten wennen.


Aan de discussie over de stelling of een soepele behandeling bij nieuwe doelgroepen gewenst is kwam de workshop niet toe.

 

De volgende suggesties werden gedaan voor nieuwe onderwerpen voor de workshops:

- samenwerking door toezichthouders (in het kader van 'de andere overheid')
- hoe ga je om met doelgroep leden die door omstandigheden (nog) niet kunnen naleven
- omgang met tegengestelde eisen aan doelgroepleden
- handhavingsbeleid/risico-analyse bij het UWV
- hoe groot is je rol bij preventie
- hoort beleidsmonitoring bij je rol
- effectmeting, kan dat en eventueel hoe?
- het spelen van het handhavingsmonopolyspel waarin prioriteitenstellingen een rol spelen

printen Terug naar het overzicht Stuur het door

Nieuwsbrief

Blijf op de hoogte van Vide en neem een gratis abonnement op Vide Nieuws: onze nieuwsbrief.