Nieuwsbrief
Blijf op de hoogte van Vide en neem een gratis abonnement op Vide Nieuws: onze nieuwsbrief.

Nieuws
Vide staat midden in de actualiteit zoals u op de nieuwspagina ziet. Nieuws is een belangrijk onderdeel van deze website. Alle nieuwsberichten hebben een link die voor de brede doelgroep van Vide interessant kan zijn. Meer informatie

Zoeken
Zoek op deze website:

adres
Postbus 1058
3860 BB NIJKERK

telefoon
Tel. 033-247 34 61
Fax 033-246 04 70
E-mail secretariaat@videnet.nl

14-06-2010 Presentatie onderzoek/audit en ‘worst case scenario’

 

Staatstoezicht op de Mijnen:  Presentatie onderzoek/audit en ‘worst case scenario’

Geachte

Naar aanleiding van de ramp met het boorplatform Deepwater Horizon in de golf van Mexico heb ik op 2 juni jongstleden overleg gehad met het Executive Committee van Nogepa. Ik heb een toelichting gegeven aan de hand van een presentatie (die ik Nogepa digitaal heb overhandigd) over het rapport ‘Increased safety measures for energy development on the Outer Continental Shelf (May 27, 2010)’ dat de Amerikaanse Secretary of the Interior aan president Obama heeft gestuurd.

Veel van de in het rapport genoemde aanbevelingen zijn ook relevant voor Uw booractiviteiten, zowel op zee als op land (indien van toepassing).

Tijdens het overleg heb ik gevraagd de volgende acties uit te voeren;

1. Iedere mijnonderneming zelf een diepgaand onderzoek/audit uitvoert over de wijze waarop de boor- en andere putactiviteiten worden beheerst, met als doelstelling dat de bestuurder van de onderneming zichzelf ervan overtuigt dat deze activiteiten door zijn onderneming veilig kunnen worden uitgevoerd. Daarbij moet worden gekeken naar beleid, procedures, materieel, organisatie, competentie van personeel en dergelijke (zie verder aanbeveling-1 op bladzijde 26 van het hierboven genoemde rapport en in bijlage bij deze brief opgenomen). Vóór 2 september stuurt hij een schriftelijk verslag over zijn bevindingen aan de Inspecteur-generaal der Mijnen.

2. Iedere mijnonderneming identificeert het ‘worst case scenario’ binnen de eigen operaties en stelt voor zich zelf zeker dat de rampenbestrijdingsplannen en alle daarin genoemde voorzieningen adequaat zijn.

3. De directeur van iedere mijnonderneming licht persoonlijk door middel van een presentatie de resultaten van bovenstaande actiepunten bij zijn onderneming toe, gedurende de eerste helft van september bij Staatstoezicht op de Mijnen. Ik verzoek U om vóór 20 juni a.s. met mijn secretariaat een datum hiervoor vast te leggen.

Op basis van deze presentatie door de mijnondernemingen én eigen bevindingen van door inspecteurs van mijn dienst uitgevoerde verificaties, zal ik mij een oordeel vormen over de kwaliteit en effectiviteit van de beheersmaatregelen en de minister daarover informeren.

Over het precieze ‘format’ voor het schriftelijk verslag en voor genoemde presentatie, d.w.z. specifieke onderwerpen en diepgang zal ik U binnen 14 dagen nader informeren. Ik verzoek U dan ook om U bij het verslag én de presentatie in september aan dit ‘format’ te houden.

Het streven is om eind september de Minister van Economische Zaken te informeren.

Een afschrift van deze brief wordt ook aan Uw ondernemingsraad toegestuurd in verband met hun wettelijke verantwoordelijkheden op het gebied van veiligheid, gezondheid en milieu binnen de onderneming.

Met vriendelijke groet,

J.W. de Jong, M. Eng.
Inspecteur-generaal der Mijnen

 

 De vorige column: Toezicht en Wetenschap: 50 jaar verder?

Ik weet niet of u er was, zo vlak voor de vakantie, maar het vak Toezicht heeft met het Congres Toezicht en Wetenschap van juni 2011 in Delft een grote stap voorwaarts gemaakt. Als iedere presentatie staat voor 1 jaar werk (een observatie van Ron Visser, een van de commentaren bij een andere sessie), dan werden hier de resultaten van 50 jaar kijken, lezen, nadenken en schrijven bij elkaar gebracht.

Maar zijn we nu 50 jaar verder? Wordt een vak uberhaupt verder geholpen door wetenschap? Heeft de verwetenschappelijking van management, marketing, manuele therapie, landbouw in het algemeen, glastuinbouw in het bijzonder alsook de schilderkunst en toezicht, het vak veel meer waarheid, productiviteit of effectiviteit gebracht? Vooruitgang moet toch ergens aan af te lezen zijn, anders dan het aantal wetenschappers?! Om de vraag relatief te stellen; zou de praktijk van toezicht - d.w.z. het geheel van politiek, beleid en uitvoering van toezicht - niet creatiever zijn en daarmee meer van toegevoegde waarde dan de wetenschap? Tenslotte kan wetenschap nooit meer dan of vaststellen ‘wat er is’ (beschrijving), ‘waarom iets is’ (verklaring) of ‘dat iets werkt’ (evaluatie). Wat er beschreven, verklaard of geevalueerd wordt, wordt dan ook eerder door de praktijk bepaald dan door de wetenschap.

Lees de gehele column van Dick Ruimschotel >>

 

 Vide nieuws wordt mede mogelijk gemaakt door:

© 2012 Videnet. Privacy policy Sitemap.
Kingsquare
Dunes MultiMedia