 | Nieuwsbrief |
Blijf op de hoogte van Vide en neem een gratis abonnement op Vide Nieuws: onze nieuwsbrief.
 | Nieuws |
Vide staat midden in de actualiteit zoals u op de nieuwspagina ziet. Nieuws is een belangrijk onderdeel van deze website. Alle nieuwsberichten hebben een link die voor de brede doelgroep van Vide interessant kan zijn. Meer informatie
|
| 21-04-2010 |
Standpunt De Jager over fusie tussen NOvAA en NIVRA |
Elsevier: Standpunt De Jager over fusie tussen NOvAA en NIVRA
In zijn brief aan de Tweede Kamer gaat minister De Jager van Financiën nader in op zijn standpunt inzake de fusie tussen NIVRA en NOvAA. Naar aanleiding van zijn vorige brief van 18 maart, wilde de vaste commissie voor Financiën weten hoe de publiekrechtelijke status van de beroepsorganisatie zich verhoudt tot het verschijnsel van ‘gedwongen winkelnering’ en wat de fusie betekent voor de positie van concurrerende partijen en de wettelijke titelbescherming.
Concurrerende partijen
De fusie zal geen gevolgen hebben voor de positie van concurrerende partijen t.o.v. het huidige systeem. NIVRA en NOvAA kunnen niet als concurrerende partijen worden beschouwd, omdat zij op vele onderwerpen gelijk optrekken en hun verordeningen inhoudelijk bijna geheel op elkaar afstemmen. De fusie is veeleer een logische stap in een proces dat al langer gaande is, waarin de beroepsorganisaties steeds meer naar elkaar zijn toegegroeid.
Twee perspectieven
Over de verhouding tussen de publiekrechtelijke status van de beroepsorganisatie en de ‘gedwongen winkelnering’ zegt De Jager het volgende: ‘Er kan vanuit twee perspectieven naar gekeken worden. Enerzijds vanuit het perspectief van de gebruiker van accountantsdiensten die zich voor de afname van bepaalde diensten moet wenden tot accountants die zijn ingeschreven bij de beroepsorganisatie. Anderzijds ook vanuit het perspectief van de accountant zelf die voor het verkrijgen en behouden van zijn titel afhankelijk is van zijn PBO-lidmaatschap. In beide gevallen ben ik van mening dat er, voor zover überhaupt van ‘gedwongen winkelnering’ kan worden gesproken, geen sprake is van een onwenselijke situatie.
Wet- en regelgeving
In de Nederlandse wet- en regelgeving is op diverse plaatsen bepaald dat een controle dient te worden uitgevoerd door een RA- of AA-accountant. Dit is bijvoorbeeld het geval bij alle wettelijke controles in de zin van de Wet toezicht accountantsorganisaties, maar ook bij controles op de besteding van subsidies en bekostigingen die van overheidswege zijn verleend. Het publiek belang dat aan dergelijke controles verbonden is, rechtvaardigt hier een inperking van de keuzevrijheid tot die beroepsbeoefenaren waarvan de deskundigheid en betrouwbaarheid wettelijk geborgd zijn.
Voor zover het om wettelijke controles gaat is die wettelijke borging gedeeltelijk ook Europeesrechtelijk voorgeschreven door de accountantsrichtlijn (nr. 2006/43/EG). Deze werkzaamheden zijn aldus voorbehouden aan RA- en AA-accountants, waarbij voor wettelijke controles bovendien nog als aanvullende eis geldt dat die accountants als externe accountant werkzaam moeten zijn bij een accountantsorganisatie met een vergunning van de AFM. Voor overige door accountants verleende diensten is er geen verplichting voor gebruikers om een RA- of AA-accountant in te huren of aan te stellen. Er zijn niet-accountants actief die gelijksoortige diensten aanbieden, maar dit doen zonder PBO-lidmaatschap onder titels zoals ‘adviseur’, ‘administrateur’ of ‘auditor’ die niet wettelijk beschermd zijn. Een groot deel van het ledenbestand van NIVRA en NOvAA heeft toch gekozen voor een lidmaatschap ondanks het feit dat hun beroepsactiviteiten daartoe niet nopen. Dit doen zij niet vanwege ‘gedwongen winkelnering’ maar veeleer vanwege de waarde die zij aan het voeren van de RA- of AA-titel toekennen.’
Klik hier voor de brief van De Jager aan de Tweede Kamer inzake de fusie tussen NIVRA en NOvAA. |
|
| | De vorige column: Toezicht en Wetenschap: 50 jaar verder? |
Ik weet niet of u er was, zo vlak voor de vakantie, maar het vak Toezicht heeft met het Congres Toezicht en Wetenschap van juni 2011 in Delft een grote stap voorwaarts gemaakt. Als iedere presentatie staat voor 1 jaar werk (een observatie van Ron Visser, een van de commentaren bij een andere sessie), dan werden hier de resultaten van 50 jaar kijken, lezen, nadenken en schrijven bij elkaar gebracht.
Maar zijn we nu 50 jaar verder? Wordt een vak uberhaupt verder geholpen door wetenschap? Heeft de verwetenschappelijking van management, marketing, manuele therapie, landbouw in het algemeen, glastuinbouw in het bijzonder alsook de schilderkunst en toezicht, het vak veel meer waarheid, productiviteit of effectiviteit gebracht? Vooruitgang moet toch ergens aan af te lezen zijn, anders dan het aantal wetenschappers?! Om de vraag relatief te stellen; zou de praktijk van toezicht - d.w.z. het geheel van politiek, beleid en uitvoering van toezicht - niet creatiever zijn en daarmee meer van toegevoegde waarde dan de wetenschap? Tenslotte kan wetenschap nooit meer dan of vaststellen ‘wat er is’ (beschrijving), ‘waarom iets is’ (verklaring) of ‘dat iets werkt’ (evaluatie). Wat er beschreven, verklaard of geevalueerd wordt, wordt dan ook eerder door de praktijk bepaald dan door de wetenschap.
Lees de gehele column van Dick Ruimschotel >>
| | Vide nieuws wordt mede mogelijk gemaakt door: |
|